In ons ontwikkelassessment gebruiken we de gedragsprofielen van Persolog. Deze tests en profielen zijn gebaseerd op het model van William Moulton Marston, dat de basis legde voor alles wat tegenwoordig DISC heet of de daarop gebaseerde kleurenmodellen. Soms werken die met acht of zestien kleuren of typologieën. Wij werken met deze tests omdat het model zich makkelijk laat uitleggen en de tests betrouwbaar zijn. Daardoor kunnen we snel met iemand in gesprek over wat hem of haar typeert. In dit artikel lees je hoe wij DISC in het onderwijs inzetten, en vooral waar de valkuilen zitten.
Vier gedragstendensen
DISC gaat uit van een model met twee assen: assertief tegenover reactief, en mensgericht tegenover taakgericht. Combineer je die in een kwadrant, dan ontstaan vier gedragstendensen. Dominant: rechtdoorzee, doelgericht en moedig (assertief en taakgericht). Invloedend: mondig, impulsief en vernieuwend (assertief en mensgericht). Stabiel: helpend, samen en invoelend (reactief en mensgericht). Consciëntieus: precies, corrigerend en gedisciplineerd (reactief en taakgericht).
De dominante gedragsstijl
Mensen met een sterke dominante stijl willen resultaten bereiken. Ze zijn doelgericht, overheersend en gefocust op uitdagingen; ze groeien ervan. Zeg tegen iemand met veel D-gedrag dat iets niet gaat lukken, en hij of zij wordt alleen maar sterker uitgedaagd. Weerstand overwinnen, snel beslissen en bewegingsvrijheid horen erbij. De dominante stijl houdt van afwisseling, geeft directe antwoorden en is geneigd wat ongevoelig te zijn voor de gevoelens van anderen. D-gedrag heeft mensen nodig die bedachtzamer en voorzichtiger zijn, risico’s kunnen inschatten en meer oog hebben voor details.
De invloedende gedragsstijl
Mensen met een sterke invloedende stijl houden ervan om verbinding met een groep te voelen en te maken. Ze voelen goed aan wat een groep nodig heeft en handelen daarnaar. Ze zijn vaak goed gebekt en komen aangenaam over. In een dynamische omgeving waarin plezier en improvisatie nodig zijn, voelen ze zich thuis. Ook deze stijl houdt van afwisseling en windt je om de vinger. Luisteren gaat minder goed, want praten is leuker. I-gedrag heeft mensen nodig die diepgang aanbrengen, goed analyseren en wat meer structuur bieden.
De stabiele gedragsstijl
Mensen met een sterke stabiele stijl helpen en ondersteunen graag. Ze zijn loyaal, trouw en uitstekende teamspelers, soms ten koste van zichzelf. Ze groeien van teamwerk en harmonie. Samen resultaten halen, zorgen dat iedereen zich gezien voelt en een warme sfeer horen erbij. De stabiele stijl houdt van een voorspelbare omgeving en wordt onder druk soms wat star. S-gedrag heeft mensen nodig die makkelijker besluiten, meer risico durven nemen en de confrontatie aangaan: wat taakgerichter en meer gericht op doelen.
De consciëntieuze gedragsstijl
Mensen met een sterke consciëntieuze stijl houden van hoge kwaliteit. Ze zijn perfectionistisch, analytisch en stellen hoge eisen aan zichzelf en anderen. Ze groeien van het verbeteren van resultaten en zijn op hun best in een expertrol. Analyseren, fouten vinden, logisch redeneren en gewetensvol handelen horen erbij. Deze stijl houdt van duidelijkheid, heldere afspraken en protocollen, en timmert het liefst alles dicht. C-gedrag heeft mensen nodig die de hoofdlijn en het relationele deel van samenwerking bewaken.
DISC gaat over hoe je doet, niet over wie je bent
Belangrijk om te beseffen bij DISC in het onderwijs: DISC, zoals wij het hanteren, gaat niet uit van typologieën. Je bent geen D-type en je bent niet rood. We meten gedrag, en gedrag is veranderbaar. Je bent niet je gedrag. Natuurlijk kun je naar aanleiding van een uitslag doorpraten over waarom bepaald gedrag belangrijk voor je is; dan heb je het over persoonlijkheid en drijfveren, je natuurlijke neigingen. Dat is zinvol, en ook meetbaar, maar dat gaat veel meer over wie je bent. De D-, I-, S- en C-scores laten zien hoe sterk die gedragstendensen op het gemeten moment en in jouw specifieke omstandigheden vertegenwoordigd zijn. Wie je bent en wat je doet mogen niet door elkaar lopen, en je hebt een trainer of assessor nodig die dat onderscheid goed maakt. Houd de definities helder: gedrag (hoe je doet), persoonlijkheid (je natuurlijke neigingen) en drijfveren (waarom je die neigingen hebt).
Een DISC-uitslag is dynamisch
We komen vaak tegen dat DISC wordt uitgelegd als model voor persoonlijkheid, of erger: dat gedrag en persoonlijkheid door elkaar worden gehaald. Dan ontstaat afkeer van het model, omdat mensen in kleurenhokjes worden gestopt. Soms zien we een blokkade bij noodzakelijke gedragsverandering, en dus bij teamontwikkeling, omdat iemand denkt: zo ben ik nu eenmaal. Alsof je in een DISC-score kunt lezen wie iemand is. Dat klopt niet. Gedrag wordt beïnvloed door wie je bent, maar ook door wat jij denkt dat je omgeving van je verwacht. We herkennen allemaal dat we ons thuis net iets anders gedragen dan op het werk, en dat is gezond.
De uitslag hangt sterk af van de situatie die je in je achterhoofd had bij het invullen. Verander je die plek, dan verandert je profiel mee. Dat is het goede nieuws: de uitslag is een momentopname en dynamisch. Precies daarom is DISC in het onderwijs zo bruikbaar bij teamontwikkeling.
DISC en geautomatiseerde rapportages
Veel testsystemen werken zo: je vult de test in, er rolt een uitslag uit en het systeem genereert een automatische tekst die je, al dan niet via een tussenpersoon, in je mailbox krijgt. Die tekst klopt vaak, afhankelijk van de kwaliteit van de leverancier, maar vaak ook niet of niet helemaal. Logisch, want jij bent uniek en het systeem is geautomatiseerd. Je past niet in een hokje. En laat een aap een test invullen, dan klopt de uitslag ook in zekere mate. Daarmee wil ik zeggen dat een testuitslag nooit precies meet wat hij zou moeten meten, en een automatische tekst al helemaal niet. Let dus goed op hoe de uitslag wordt besproken en hoe vast die staat.
Wij bieden geen losse tests aan als product, omdat de uitslagen op zichzelf niets zeggen. Jij doet ertoe en verdient iets dat recht doet aan wie je bent. Daarom nemen we altijd de tijd om het model uit te leggen en de uitslag met je te bespreken, zodat jij jezelf in het model kunt plaatsen.
Het belang van een ervaren assessor
Inmiddels hebben we al meer dan duizend mensen met deze test in teamtrainingen en individuele trajecten verder geholpen. Die ervaring maakt het verschil bij het bespreken en toepassen van de resultaten. Door ervaring ontwikkel je taal, leer je het model goed uitleggen, leer je doorvragen en leer je omgaan met uitslagen die niet helemaal kloppen. Een ervaren assessor haalt veel meer uit de tests en helpt je met goede vragen de test beter in te vullen. Als wij mensen inwerken in het afnemen van deze tests, houden we bij elke sessie een voorbespreking: welke vragen stellen we, waar zitten tegenstrijdigheden en hoe leggen we die uit? Onervaren of slecht getrainde assessoren hechten vaak veel waarde aan vaste uitslagen en rapportages en gaan voorbij aan jouw unieke situatie. Vraag je assessor dus gerust naar zijn of haar ervaring met DISC in het onderwijs.
Waarvoor gebruiken wij DISC in het onderwijs?
We hebben DISC succesvol ingezet bij teamtrainingen waarin teamleden vaste rollen en patronen willen doorbreken, waarin teams willen groeien in het geven en ontvangen van feedback, of waarin een nieuw samengesteld team elkaar snel beter wil leren kennen. Bij individuele ontwikkeltrajecten, zoals studiekeuzebegeleiding, het afsluiten van een periode na ontslag, effectiever willen functioneren, een ontwikkelassessment in opdracht van een werkgever, werving en selectie, doorgroeimogelijkheden en loopbaanvragen. En bij screenings waarin je elkaar versneld wilt leren kennen, wilt weten of iemand zicht heeft op het eigen gedrag of situationeel kan sturen. Voor screenings en individuele trajecten gebruiken we naast DISC vaak andere instrumenten, omdat DISC alleen gedrag meet en we soms meer informatie nodig hebben.
DISC inzetten voor jouw team of jezelf?
Wil je weten wat DISC voor jouw team of je eigen ontwikkeling kan betekenen, met een ervaren assessor erbij? Lees meer over het ontwikkelassessment of over teamontwikkeling bij Onderwijsbouwers.